Het ontstaan van mijn eetstoornis wijt ik aan een aantal kernovertuigingen die ik voor waarheden aannam, en mijn leven daardoor liet beheersen. Tot mijn twaalfde had ik een vrij doorsnee jeugd. Ik groeide op met mijn ouders en mijn zus, en ontwikkelde me volgens normaal patroon.

Toen ik twaalf was kwam er echter abrupt een einde aan mijn zorgeloze jeugd; mijn ouders gingen scheiden en dit kwam voor mij als donderslag bij heldere hemel. In een klap raakte ik mijn basiszekerheden kwijt en stond mijn wereld op z’n kop. De scheiding van mijn ouders verliep zeer moeizaam, ik vond het ontzettend moeilijk hier met anderen over te praten. Ik voelde een enorme schaamte, en stopte daarom de pijn en verdriet ver weg. Mijn middelbare school periode doorliep ik zonder veel problemen, al was de situatie tussen mijn ouders nog altijd een zeer moeilijk punt. Ik stortte me vol fanatisme op mijn passie paardrijden, waar praktisch al mijn vrije uren in gingen zitten. Na mijn eindexamen vond ik een nieuwe passie: ik ging Frans studeren en was helemaal bezeten van deze taal en cultuur. In tegenstelling tot mijn “een 6 is voldoende” houding op de middelbare school, wilde ik bij mijn vervolgstudie het onderste uit de kan halen. Mijn fanatisme bleef niet onopgemerkt; ik sleepte elk tentamen met prachtige cijfers binnen en kreeg niet zonder enige regelmaat complimenten van docenten, medestudenten en mijn ouders. Door deze positieve aandacht gerelateerd aan prestaties die ik behaalde, ging ik mezelf steeds meer als één zien met hetgeen in presteerde. Alleen wanneer ik streefde naar perfectie deed ik er voor anderen toe zo dacht ik, en ik evalueerde mezelf op een zelfde manier. Mijn eigenwaarde nam alleen absoluut niet toe door de mooie resultaten, ik werd er eigenlijk juist steeds onzekerder door. Ik was bang dat ik anderen teleur zou stellen wanneer ik niet aan de (door mij gestelde) verwachtingen zou kunnen voldoen, waardoor ik ook nog eens zou moeten concluderen dat het eigenlijk maar poppenkast was en helemaal niet over de capaciteiten beschikte die me toegedicht werden. Ik studeerde cum laude af en kreeg direct een baan aangeboden op mijn oude middelbare school. Hier begon ik voor het eerst echt last te krijgen van hetgeen ik van mezelf eiste: ik had een fulltime baan en wilde op alle vlakken de touwtjes in handen houden. Naast mijn lesgevende taak zat ik in talloze commissies en hield ik me bezig met het opzetten van projecten. De onzekerheid die me constant influisterde dat ik vroeg of laat door de mand zou vallen, maakte dat ik nog harder ging werken. Mijn perfectionisme maakte het me onmogelijk tot rust te komen, ik vereenzelfde met mijn werk. Als dat mis zou gaan, dan bleef er van mij ook niets over en zou ik waardeloos zijn; dat zou het ergste zijn wat me kon overkomen.

En zo geschiedde het, want mijn levensstijl eiste op mijn 24e z’n tol. Ik raakte in een zware burn out; mijn lichaam weigerde nog langer in actie te komen. De signalen waren er al lange tijd, maar die had ik steevast genegeerd. Mijn grootste angst werd bewaarheid: ik was door de mand gevallen. Iedereen kon nu zien dat ik eigenlijk waardeloos was, en dat was precies hoe ik me voelde. Ik raakte de regie kwijt, en haatte mijn lichaam voor het feit dat het me alle energie had ontnomen. Ik verloor gewicht van de stress, het enige dat me nog min of meer positief stemde. Ik besloot hier een schepje bovenop te doen; door minder te eten strafte ik mijn lichaam voor het falen, ik verloor gewicht en zo had het idee toch nog érgens controle over te hebben. In het begin voelde ik me goed door niet te eten, maar dat veranderde al snel. Ik was constant moe, had het altijd koud en voelde me erg neerslachtig. Daarbij maakte het tevreden gevoel over het niet eten plaats voor een enorme angst. Ik durfde niet meer te eten omdat ik bang was dat ik me hierdoor nog slechter over mezelf zou voelen. Toen ik uiteindelijk na veel aandringen van familie en vrienden naar de huisarts ging, stelde zij direct de diagnose anorexia. Drie maanden daarna volgde mijn eerste opname, maar dit bleek niet passend. Na 6 weken was ik terug thuis en ging het snel nog slechter. Ik meldde me direct aan bij een kliniek gespecialiseerd in eetstoornissen, maar daar was een wachttijd van 4 maanden. Deze periode beschouw ik absoluut als de zwartste van mijn leven; ik werd volledig geregeerd door de anorexia en was voelde me zo depressief dat ik het eigenlijk allemaal niet meer zag zitten. Van de altijd actieve, sociale en enthousiaste persoon die ik voorheen was, was alleen nog maar een hoopje ellende over.

Ergens was ik dan ook enorm opgelucht toen ik eindelijk opgenomen werd, al begon toen ook pas echt de strijd. Ik voelde me gesterkt door de (h)erkenning van en bij groepsgenoten, maar ben nog erg lang de strijd dan weer voor, dan weer tegen mijn eetstoornis aangegaan. Na 9 maanden ging ik met ontslag, en toen volgde nog een lang na traject met veel vallen en opstaan. Hoewel ik niet kon geloven dat er ooit een moment zou aanbreken dat mijn eetstoornis mijn leven niet meer zou dicteren, heb ik met heel veel steun van familie, vrienden en professionals toch weten door te zetten. En hier ben ik nog steeds zó ontzettend blij mee!!!! Ik geniet nu meer van het leven dan ik voorheen deed, omdat ik me realiseer dat dit absoluut niet vanzelfsprekend is. Mijn anorexia regeert mijn leven niet meer, al doet zij af en toe heus nog wel een poging weer een voet tussen de deur te krijgen. Tevergeefs, want ik geef niet meer uit handen wat ik verworven heb; ik weet nu dat de enige zekerheid die mijn eetstoornis me ooit geboden heeft is dat ik er letterlijk en figuurlijk doodongelukkig van werd. Dan kies er liever voor om met een gezond lichaam voluit te leven!!!

Terug

De Vlinder

"Een vlinder symboliseert verandering; vanuit de ogenschijnlijk levenloze cocon wordt een fragiele schoonheid geboren. Ook voor mensen met een eetstoornis is deze verandering mogelijk!"